

Frédérique Chauvet (dirigente/historische dwarsfluiten) behaalde haar diploma dwarsfluit aan het Conservatoire de Versailles. Na haar studie legde ze zich toe op de uitvoeringspraktijk van barokmuziek. Zij studeerde musicologie aan de Universiteit van Amsterdam, traverso bij Bart Kuijken en Wilbert Hazelzet aan het Koninklijk Conservatorium te Den Haag, en koor- en orkestdirectie aan het Sweelinck Conservatorium te Amsterdam.
Frédérique Chauvet gaf concerten in Europa en de VS met kamermuziek-ensembles en barokorkesten, o.m. de Taverner Players o.l.v. Andrew Parrot, Die Rheinische Kantorei van Hermann Max en de Händel Solisten. Met haar Trio Il Galante was ze prijswinnaar van het Van Wassenaer Concours voor Oude Muziek.
Frédérique Chauvet dirigeerde o.m. Purcells Dido & Aeneas, Monteverdi’s L’Orfeo, Charpentiers Médée, Rameaus Dardanus en Lully’s Le Bourgeois Gentilhomme en Armide. In 2000 richtte ze het instrumentaal ensemble Barokopera Amsterdam op, waarmee ze optreedt in Nederland en Frankrijk. Sindsdien vertolkt ze met Barokopera Amsterdam komische opera’s van Offenbach, Boieldieu en Massé, onder meer Le 66, Le Voyage dans la Lune, Le Violoneux, Tromb’al-ca-zar, Ma Tante Aurore en de double-bill Les noces de Jeannette/Une Demoiselle en Loterie.
Met regisseur David Prins realiseert ze de Purcell on Stage-cyclus, die in 2003 begon met Fairy Queen, in 2005 gevolgd door King Arthur en in 2007 door A Tempest. Onlangs boekte ze met haar ensemble veel succes tijdens het Purcell Gala in het Amsterdamse Concertgebouw, in Enschede en Groningen. De Purcell on Stage-cyclus zal de komende jaren worden gecontinueerd.